Is it the economy, stupid?


: 21-11-2011 12:00 uur

“It’s the economy, stupid!”. Het is de befaamde uitspraak waarmee Bill Clinton de strijd om het Witte Huis ten koste van George Bush sr. naar zich toe trok in 1992, die hier al vaak geciteerd is als het gaat om de electorale kansen van Barack Obama. Algemeen wordt aangenomen dat het resultaat tijdens de verkiezingen voor 2012 voor de zittende president bepaalt zal worden door de staat van de economie. De veronderstelling dat economische data een goede voorspeller vormen voor electorale kansen, was voor FiveThirtyEight’s Nate Silver aanleiding voor verder onderzoek. Zijn opvallende bevinding was dat het met die voorspellende gaven van economische factoren wel meevalt. Onder het credo van ‘beter goed gejat dat slecht bedacht’ bij dezen een Nederlandse samenvatting van de bevindingen van Silver.

Bruto Nationaal Product
Aangezien de meeste economische data in Amerika pas sinds de Tweede Wereldoorlog onderzocht en gedocumenteerd worden, zette Silver 43 belangrijke economische factoren af tegen de presidentsverkiezingen sinds 1948. Hij vergeleek de staat van die economische factoren in het verkiezingsjaar met de winst- of verliesmarge van de zittende president en kon zo vaststellen in welke mate elk aspect van de economie een relevante voorspeller bleek te zijn voor de verkiezingsuitslag. Zo mag je bijvoorbeeld verwachten dat sterke groei van het Bruto Nationaal Product (BNP) per hoofd van de bevolking een overwinning met een grote winstmarge voor de zittende president betekent, terwijl kleine groei een kleine overwinning oplevert en krimp van het BNP leidt tot een nederlaag. Silver bekeek hoevaak die voorspellende waarde van het BNP op ging in de zestien verkiezingen sinds 1948 en concludeerde dat dit maar in 33 procent van de gevallen zo was. In 66 procent van de gevallen zou een voorspelling op groei van het BNP alleen niet accuraat zijn geweest. In een grafiek ziet dat er dan zo uit:

Ranglijst
Voor alle economische factoren waarvan de waarde sinds 1948 te herleiden is, deed Nate Silver hetzelfde en daarmee kon hij een ranglijst maken van de voorspellende waarde van al die factoren. Die ranglijst, hieronder weergegeven, laat zien dat geen van de factoren een voorspellende waarde heeft die groter is dan 50 procent. Sterker nog, de grootste voorspellende waarde ligt bij een economische factor die zelden wordt aangehaald, namelijk de industriële productie-index. Hoe meer industriële bedrijven hun productie opschroeven in een verkiezingsjaar, des te groter worden de kansen van de zittende president of zijn partij op herverkiezing. Toch komt ook dat aspect – waarin natuurlijk zaken als werkeloosheid, koopkracht en economische groei verstopt zitten – ook niet boven een voorspellende waarde van 46 procent:

Werkeloosheid
De meest opvallende conclusie van Nate Silver is echter dat de hoogte van de werkeloosheid in geen enkele mate een relevante voorspeller is voor verkiezingsuitslagen. Met een score van 0 procent scoort de werkeloosheid een 40e plek van de 43 (sommige factoren blijken zelfs een klein maar niet significant negatief verband te hebben). Verandering van de werkeloosheid in het verkiezingsjaar is daarentegen een veel relevantere factor. Stijging of daling van de werkeloosheid is in 34 procent van de gevallen een relevante voorspeller:

Impact
De vraag is nu wat de impact van de bevindingen van Silver is op de electorale kansen van president Obama. In ieder geval laat het zien dat de geldende opvatting dat verkiezingen boven alles een referendum zijn op de economische verdiensten van de zittende president, maar ten dele waar is. Hoe goed of slecht de economie er ook voor staat, het biedt nooit de zekerheid dat een president de verkiezingen gaat winnen of verliezen. Daarnaast laat het zien dat de werkeloosheid zelf, waarvoor Obama nu vooral onder vuur ligt, nauwelijks relevant is als er in 2012 maar vooruitgang wordt geboekt. De verkiezingen zijn voor de president dus zeker nog niet verloren en zelfs zonder miraculeuze economische vooruitgang heeft Obama nog een goede kans op het Witte Huis. Als het dieptepunt nog dit jaar bereikt wordt ziet het er in 2012 allemaal weer veel rooskleuriger uit. Ja, de economie blijft een beplande overweging voor Amerikanen in het stemhoekje, maar op de economie alleen heeft nog nooit een president de verkiezingen gewonnen of verloren. Dat moet een geruststellend idee zijn voor Obama.

Adriaan Andringa zal tot de presidentsverkiezingen in 2012 regelmatig verslag doen van het Amerikaanse politieke schouwspel.

Over de auteur:

Adriaan Andringa Adriaan Andringa (1983, Den Bosch) groeide op in een Gristelijk dorp in het hartje van de Veluwse bible belt. Hij werd vervolgens Leidsche Corpsbal, wedstrijddebater en Politiek Junky. Tegenwoordig is hij communicatiemedewerker en persvoorlichter voor D66 in Den Haag, en zelfstandig debattrainer en gespreksleider. Hij ontleent zijn gevoel van eigenwaarde aan zijn vrienden en followers op social media, drinkt teveel whisky en grijpt elke mogelijkheid aan om met opiniestukken politiek conflict te cultiveren. Op ThePostOnline is hij verantwoordelijk voor buitenlands nieuws. Twitter: @AdriaanAndringa

Geen Reacties

Reacties zijn gesloten